Academisch kwartiertje:
1.
De vijftien minuten
aan het begin van een lesperiode. Indien de lesgever niet aanwezig is in het
leslokaal binnen deze tijd behouden de studenten zich het recht voor om het
leslokaal te verlaten.
2.
15 minuten pauze
tussen twee collegeblokken
3.
De 15 minuten voor
aanvang van het college, waarin de studenten en professor de collegezaal
betreden. Een college dat ingeroosterd staat voor 11.00 begint dus om 11.15
4.
Wordt ook wel
gebruikt als argument voor het chronische gebrek aan stiptheid van studenten in
het algemeen.
Ad fundum Ook wel 'een adje trekken'/ 'een adtje trekken'/
'atten', letterlijk "tot op de bodem
Afpilsen: na een lange avond/nacht nog een pilsje drinken
Aken-gevoel, het Het gevoel dat over de student heerst na het inleveren
van een opdracht of het maken van een tentamen. De opluchting brengt een nieuwe
vlaag van zorgeloosheid waardoor komende verplichtingen worden verwaarloosd.
Met name in die periodes verhevigt het studie-ontwijkend gedrag bij de studenten.
Aquarium: Ook wel glazen zaal, grootste
studieruimte
Bavje Bavaria Alcohol Vrij
Blokken: Intensief studeren
vóór en tijdens examenperiodes.
Blokverlof: De dagen vóór een
examenperiode waarin er geen lessen gegeven worden en die gebruikt kunnen
worden voor het blokken.
Braakje leggen overgeven (‘ik heb
een braakje gelegd op de plee’)
Brak Status van lichaam en geest na een avondje bier
drinken of lang doorwerken. Ook wel lichte kater.
Brak-even-point Het omslagpunt tijdens het nuttigen van hoeveelheden
alcohol waarop het niet brak zijn van de volgende dag omslaat in het wel brak
zijn. Bijvoorbeeld: "Ik neem geen bier meer, want ik zit al aan m'n
brak-even-point."
Brakticum Een practicum waarbij men zich in het brak stadium bevindt. Vaak op vrijdagochtend.
Buma: BurgerMan,
afgestudeerde of bijna afgestudeerde die zich min of meer aan het
studentenleven onttrokken heeft
Burger: Niet-student. In Groningen spreken zowel studenten als
niet-studenten ook wel van een stadjer.
BVO Bier voor Onderweg. Vaak een in plastic uitgeschonken
biertje voor als men het etablissement verlaat.
BVODD Bier voor onder de douche. Inmens chill voor na het
uitgaan. Biertje word geconsumeerd onder de douche
Collegehengst: Een student die wel heel erg trouw de colleges volgt
Corpsbal of -pik, corpo: Student die stereotiep corporaal gedrag vertoont
Corneren iemand een hoek in drijven
en zoenen
CV-rukker: iemand die allemaal
bestuursfuncties doet doelbewust voor zijn curriculum vitae.
CV-building: De activiteiten van
de CV-rukker: het doen van zoveel mogelijk bestuursfuncties of
korte baantjes om het eigen CV op te fleuren
Diagonaaltje Kun je uit De Muur trekken: alle units opentrekken van
linksboven naar rechtsonder, of van rechtsboven naar linksonder. Bekend bij de
ervaren Muurbezoeker.
Eindbaas onaantrekkelijk meisje dat
aan het eind van de avond nog in de kroeg te vinden is omdat niemand haar heeft
willen regelen
Faxen slapen
Flatmatras Persoon die voortdurend wisselende flatrelaties heeft.
Flunken: Een onvoldoende behalen. (Groningen). Enkel als
werkwoord.
Galamosje: Sex hebben na
afloop een gala, met de kleren nog aan, alleen het slipje gaat uit
Galaplicht: De schijnbaar
'morele' plicht die een meisje tegenover een jongen heeft wanneer ze op zijn
kosten met hem naar een (meestal redelijk prijzig) galafeest is geweest.
Haas: Een aanduideling
voor een sufferd of sukkel ("Wat ben jij een ongelooflijke haas!").
Soms spreekt men bij iemand die nergens in slaagt ook wel van een "faalhaas"
Henk Een negatieve en matig gewaardeerde term voor een
campusbewoner, ook wel CampusHenk. Gebaseerd op het bij sommigen levende
stereotype van de campusbewoner als nerd.
Herren: hertentamen gaan doen
Hut: Aanduiding voor
een tuttig of "suf" meisje ("Wat een suffe hut is dat").
Men spreekt ook wel van "doos" of "muts
Inkakken: 1. vertrutten, verburgerlijken 2. Een toestand van lomigheid of
saaiheid bereiken tijdens een zekere gebeurtenis of evenement. De uitdrukking
kan slaan op een persoon of op een gebeurtenis.
Jeuk
Zin in seks
Kaal
Dronken
Knor: Scheldnaam voor
iemand die niet lid is van een corporale vereniging. Staat ook wel voor Kent
Niet Onze Regels
Laag gaan heel veel drinken
Lullepot speech
Macht, de De afstandsbediening.
Matras Persoon die voortdurend relaties heeft met personen
uit dezelfde doelgroep.
Meuk Duidt een bepaalde categorie voedsel aan.
Bijvoorbeeld: "Dat ziet eruit als goede meuk!" ofwel "Deze meuk
is niet te vreten! “Gedefinieerd als: alles wat zonder al te veel aanstampen op
het bord blijft zitten als dit op z'n kop gehouden wordt. Denk aan diverse
stampotten e.d.
Moet kunnen; geeft niets
Oddi Intens gave pikkebaas, zijn wil is wet. Bekend van
zinnen als: "De Oddi heeft gesproken".
Paardenkut drankje: apfelkorn met
sparood.
Pauper: Scheldwoord voor het ordinaire volk
POTL Plotseling Opkomende Terloops Liaison. Een liaison is
een vluchtige liefdesbetrekking.
Prela periode voorafgaand aan relatie, tussen
scharrel en relatie in. Niet officieel, er mag nog ongestraft met anderen
gezoend worden.
Proleet Scheldwoord voor het asociale volk, denk aan kale mannen met
oorbellen en bomberjacks.
Puntenkanon een meisje dat makkelijk mee
naar huis gaat en in bed tot veel bereid is.
Regelen Zoenen
Romeo Echo Foxstrot: Afkorting voor Regel
Een Fiets; Spreekt voor zichzelf.
Romeo Bravo: Afkorting voor Regel
Bier; Aanmoediging tot handelen.
Shoarmaturk Horecagelegenheid waar (vooral donderdagnacht) de
uitgaanshonger wordt gestild.
SOA Studie-Ontwijkende Activiteit. Vooral goed voor
gebruik bij ouders.
SOB Studie-Ontwijkend Biertje.
SOG Studie-Ontwijkend
Gedrag; Het ontwijken van studiebezigheden. Niet altijd negatief, bijvoorbeeld
door schoonmaakactiviteiten in huis te bewerkstelligen. Wel altijd negatief
voor de studie.
SOGgen De werkwoordsvorm van het bijbehorende
zelfstandignaamwoord SOG.
Studentenkat: meisje dat alleen met studenten uitgaat
TBS Afkorting voor de plaatselijke Turk Bij Spoor. Hier
verkoopt men diverse lekkernijen voor na het uitgaan zoals een Tptje of een
broodje shoarma. De TBS is te vinden in menig studentenstad in de omgeving van
het treinstation.
Tentamengerichtheid: uitsluitend studeren voor de tentamens, niet omwille van de
kennis of wetenschap
Terminaal Status van algehele brakheid waarbij niets meer
ondernomen kan worden.
Thuisthuis Het ouderlijk huis
Tjap Restant van afwas dat in putje blijft zitten. Wordt
ook gebruikt voor soortgelijke substanties.
Toko Van oorsprong is een toko (toko is Maleis voor winkel)
een oosterse winkel, waarvan de eigenaars in Nederland meestal Indonesisch,
Chinees of Surinaams zijn. Maar als student gebruik je dit woord voor alles van
disco tot restaurant. Bijv:"Bij die toko kun je prima eten"
TPtje Turkse Pizza, deze wordt vaak geconsumeerd na het
uitgaan en de nodige borrels.
Uberhaubt Een woord dat aan het einde van een zin te plaatsen om
extra nadruk te leggen op hetgeen dat gevraagd word.
Uitbrakken: Het een dag 'rustig aandoen', na een te inspannende avond
stappen de dag hiervoor.
Vakje tentamen
Vieze hippie Lid van een
alternatieve studentenvereniging
Vriendes Vriendin waarmee
je een vriendschappelijke band hebt, maar waarmee je geen verkering hebt.
Wipsteiger Hoogslaper
"Heb jij nog iemand geregeld vannacht?"(Heb jij nog iemand
gezoend vannacht?)
'He ouwe pikkebaas, deze meuk is prima te nassen'.
(Vriend, dit eten is goed van smaak)
'Yo sherrif, deze tjak is niet te beffen '.
(Zeg, vriend, dit voedsel is niet lekker)
'Reële borrelaar, paas me nog even zo'n unit, ik ben nog lang niet kaal'.
(Vriend - die een behoorlijk slokje op kan -, geef mij nog even een biertje door want ik ben nog lang niet dronken).
'HJ, je gaat nu niet lopen sjaken, we atten nog een Paardekut!'
(Huisjongste, je kunt nu nog niet naar huis, we slaan nog in één teug een apfelkorn met spa rood achterover).
'Pik, ik ben laag gegaan! Nog even een vette bek gehaald, maar daarna alles weer aan de porseleinen god geofferd'.
(Vriend, ik heb een bonte avond gehad. Nog even gefrituurd voedsel gegeten, maar daarna gebraakt boven het toilet).
'Zaad, ik heb echt onwijs lopen soggen'.
(Balen, ik heb studie ontwijkend gedrag vertoond)
'Baas, hoe is 't MET je, je gedraagt je als een laffe borrelaar, hengst eens door met die goudgele pretcilinders'.
(Vriend, kom op, je drinkt te weinig, neem nog een paar biertjes).
'He ouwe pikkebaas, deze meuk is prima te nassen'.
(Vriend, dit eten is goed van smaak)
'Yo sherrif, deze tjak is niet te beffen '.
(Zeg, vriend, dit voedsel is niet lekker)
'Reële borrelaar, paas me nog even zo'n unit, ik ben nog lang niet kaal'.
(Vriend - die een behoorlijk slokje op kan -, geef mij nog even een biertje door want ik ben nog lang niet dronken).
'HJ, je gaat nu niet lopen sjaken, we atten nog een Paardekut!'
(Huisjongste, je kunt nu nog niet naar huis, we slaan nog in één teug een apfelkorn met spa rood achterover).
'Pik, ik ben laag gegaan! Nog even een vette bek gehaald, maar daarna alles weer aan de porseleinen god geofferd'.
(Vriend, ik heb een bonte avond gehad. Nog even gefrituurd voedsel gegeten, maar daarna gebraakt boven het toilet).
'Zaad, ik heb echt onwijs lopen soggen'.
(Balen, ik heb studie ontwijkend gedrag vertoond)
'Baas, hoe is 't MET je, je gedraagt je als een laffe borrelaar, hengst eens door met die goudgele pretcilinders'.
(Vriend, kom op, je drinkt te weinig, neem nog een paar biertjes).




